| Naam |
Meijberg Willem |
| Geboorte |
7 dec 1815 |
Kampen |
| Geslacht |
Mannelijk |
| birth registration |
8 dec 1815 [1] |
| FACT |
van 3 mrt 1837 tot 15 mei 1842 [2] |
- Den 3 maart 1837 ingedeeld als milicien voor den tijd van vijf jaren zijnde loteling van de ligting van 1837 uit de Provincie Overijssel gemeente Kampen onder no. 115/1834.
Op den 6 junij 1837 overgegaan bij de staande armee voor zes jaren ingevolge art 171 der wet op de .. met ƒ20 premie.
Op den 1sten januarij 1842 gedetacheerd bij de 3de divisie van het Algemeen Depot der landmagt no. 33 ingevolge auth den 21 december 1841 no. 51 .. Afdeeling Personeel
Korporaal 11 april 1839
Den 15 mei 1842 uit hoofde van volbragte vijfjarige militie dienst finaal bij het het Algemeen Depot overgegaan
no. 43072
|
| FACT |
van 1 jan 1842 tot 20 jun 1843 [3] |
- Op den 1 januarij 1842 als korporaal bij de 2e divisie ingevolge autorisatie van het D.V.O na 21 december 1841 Afdeeling Personeel no. 51B overgenomen van het 1e Regiment Infanterie. Op den 21 januarij 1842 overgegaan bij de 3e divisie, was abusievelijk op de 2e divisie geredigeerd.
Op den 30 junij 1843 met paspoort wegens expiratie van dienst ingevolge autorisatie van het D.V.O: van den 23 februarij 1843 no. 1513 gegrond op 's Konings besluit van den 21 mei 1821 no. 61
|
| Beroep |
2 mei 1844 [4] |
| nachtwacht |
| Beroep |
13 dec 1844 [5] |
| klepperman |
| FACT |
8 dec 1846 [6] |
- 147
8 december 1846
Willem Meijberg
Van beroep Nachtwacht
Wonende te Kampen
Op den 8 december 1846 kompareerde voor ons C F Nehrkorn Commissaris van policie te Kampen, Christina Cornelia van der Ven huisvrouw van Christian Ferdinand Schrik, van beroep Cigarenmaakster, wonende te dezer stede gevende te kennen, dat zij en haar man vroeger in kost geweest waren bij Willem Meijberg, van beroep nachtwacht alhier. Dat zij dat kosthuis hadden verlaten; met achterlating van een schuld van twee guldens, waarvoor echter Meijberg en de vrouw hun een mandje met onderklederen hadden teruggehouden, dat Meijberg hun nu heden de hoop had gegeven, dat zij opgemeld mandje tegen een geringe aflossing in de week zouden kunnen terug bekomen, en diensvolgend hedenavond naar zijn huis gegaan waren, om daarover te contracteren; dat zij echter alvast vernamen, dat zulks het voornemen niet was geweest, maar zij met doel daar aan huis gelokt waren, om omtrent een verschil tuschen Meijberg en zijn tegenwoordige kostganger Johannes Albertus Baarschers, eenige inlichting te geven of getuigenis af te leggen.
Dat klaagster zich daarmede niet willende moeijen, alleen om haar mandje met goederen was gekomen, en hetzelvebetreffende wilde spreken, toen Meijberg die te bed lag, daaruit opvloog, en op haar afkwam, haar toevoegende" Jij bent een verdomde snaar".
Dat zij de beteekenheid van dat woord vragende, door Meijberg beantwoord werd, dat zijn de zoodanigen, die mij komen afzetten met kostgeld, en haar daarbij een hevige klap in het aangezicht gevende, een stomp in de rug toebragt, waardoor zij buiten de kamer in de gang kwam, en voorts aangegrepen en buiten het huis op de straat geworpen had, zoo dat zij ter naauwernood een val in den Burgwal ontkomen was.
Als getuigen in dezen opgevende Maria Solie, oud 24 jaren van beroep breidster, geboren te Kampen; Johannes Albertus Baarschers oud 26 jaren geboren te Zwolle Francois Jacques Masseur oud 27 jaren geboren te Meenen in west-Vlaanderen en Floris Klaassen oud 45 jaren geboren te Amsterdam, deze drie laatsten cigaren(maker) [het woord maker ontbreekt]
|
| FACT |
21 jan 1847 [7] |
- 21 jan. 1847
VII Nr 2518 der Rolle
Inzake van:
Denzelfden Heer Eischer R(atione). O(fficcii). [betekenis: uit hoofde van zijn ambt]
Cª[contra]
Willem Meijberg beklaagde
De beklaagde zegt genaamt te zijn Willem Meijberg oud 31 jaren, van beroep nachtwacht geboren en wonende te Kampen.
De S(ubstituut). Officier draagt de zaak voor, vraagt voorlezing van het procecverbaal opgemaakt door den commissaris van policie te Kampen den 8 december 1846, alsmede het hooren van getuijgen.
De voorlezing geschiedt bij monde van den S(ubstituut) Griffier.
De getuigen zijn verschenen, doch verwijderen zich op last van den president naar het daartoe bestemde locaal met uitzondering van de eerste die binnen blijhft, den eed aflegt van de geheele waarheid en niets dan de waarheid te zullen zeggen en zegt genaamd te zijn Christina Cornelia van der Ven huisvrouw van Ferdinand Schrik, oud 19 jaren, van beroep cigarenmaakster wonende te Kampen, beklaagde bekend onverwand en tot hem geene dienstbetrekking te staan; deponerende in substantie dat op den dag vóór den datum in het procesverbaal zij is gekomen bij den beklaagde, waar zij te voren in kost was, om een mandje met goed te halen, wanneer de beklaagde haar een slag in het gezigt en een stomp in den rug gaf.
Beklaagde gehoord, zegt niet te weten deze getuige te hebben geslagen.
De tweede getuige staat binnen, legt den eed af van de geheele waarheid en niets dan de waarheid te zullen zeggen en zegt genaamd te zijn Johannes Albertus Baarschers, oud 27 jaren, cigarenmaker, wonende te Kampen, beklaagde goed bekend, onverwand en tot hem in geene dienstbetrekking te staan deponerende in substantie, dat op den 7 december hij den eersten getuige had laten komen over een verschil tusschen hem en Meijberg, wanneer Meijberg aan vrouw Schrik een klap gaf en haar uit de binnendeur zettede.
Beklaagde gehoord, heeft niet aan te merken.
Als derde getuige staat binnen, leg den eed af van de geheele waarheid en niets dan de waarheid te zullen zeggen en zegt genaamd te zijn Maria Solie, oud 24 jaren, van beroep breister wonende te Kampen, beklaagde bekend, onverwand en tot hem in geene dienstbetrekking te staan; deponerende in substantie, dat op den 7 december ll zij met de eerste getuige bij beklaagde was, alwaar beklaagde na eenige woordenwisseling haar een slag aan het hoofd gaf en uit de deur stompte.
Beklaagde gehoord, zegt alsboven.
De S(ubstituut). Officier zet de zaak uiteen en requireert als bij schriftelijk requisitoir, ter tafel overgelegd.
Beklaagde nader gehoord.
De Regtbank houdt het vonnis acht dagen in advies.
Van Haersolte van den Doorn
|
| FACT |
6 jan 1849 [8] |
- 3
06-01-1849
Hendrik Naberman
en Willem Meijberg
van beroep nachtwacht
te Kampen
Op den 6 januarij 1849 kompareerde voor mij C J Nehrkorn Commissaris van policie te Kampen, Dirk Strijkop oud 21 jaren van beroep schippersknecht, wonende te Blokzijl, gevende te kennen dat hij heden te dezer stede was gekomen om de wedlopen op schaatsen bij te wonen. Dat hij zich ten dien eindemaal de afgebakende baan op het ijs had begeven en ongesien ten hal twee uren toen de wedlopen voor eenigen tijd geschorst waren, als vreemdeling op de baan rondging en een hoop volks ziende alwaar zekere Hendrik Naberman van beroep nachtwacht wonende te Kampen hem toescheen twist te hebben met de omstanders dat hij zich als nieuwsgierige daarbij gevoegd hebbende en toeziende meerdachte Naberman hem afgevraagd had of hij een toegang kaartje had om binnen de gespannen lijnen te mogen staan, hem tevens in de borst grijpende en hem zoodoende willende noodzaken daar buiten te gaan;
Dat te gelijkertijd zekere Willem Meijberg hem had aangegrepen, die mede geweld wilde bezigen om hem buiten de lijnen te doen gaan en of hij klagen betuigde wel vrijwillig die plaats te zullen verlaten, zonder dat men hem aangreep en duwde, zulks hem niet had kunnen baten, maar Meijberg hem had toegevoegd; "jij zult in arrest". Dat hij daarop geantwoord heeft "dan ben jij lui knappe jongens, als jij mij in arrest krijgt". Meijberg hem bij de das gegrepen en hem het hoof naar beneden getrokken had terwijl, hij al worstelende om zich van zijn jas te ontdoen door Naberman voornoemd met een zoogenaamde bracelet om de hand geboeid werd, welke toegewrongen wordende hem het vel van de pols schaafde.
Dat gedurende deze worsteling de hoofdschout van policie CJ van Grafhorst daarop afgekomen was, die na onderzoek aan Naberman en Meijberg gelast heeft, hem zijn weegs te laten gaan, van welke vrijheid hij onmiddelijk gebruik maakte, om zijne klachte tegen Hendrik Naberman en Willem Meijberg in te brengen, ter zake van willekeurige aanhouding, aanranding op de vrijheid van zijn persoon en mishandeling door hen gepleegd zooals hij nu vernam in hunne hoedanigheid van beambten van policie, die aldaar geplaatst waren, om voor de orde en de veiligheid te waken.
Als getuigen in dezen opgevende: de hoodschout van policie CJ van Grafhorst voornoemd, Roelof Hofman van beroep turfschipper, Samuel Kalf van beroep koopman en Jacob swart van beroep kantoorbediende bij zijn vader de Heer WJ Swart, allen te Kampen woonachtig.
Wij hebben op verzoek van klager Proces Verbaal opgemaakt, hetzelve op den in het hoofd vermelden datum en jaar gesloten en na duidelijke voorlezing heeft klager met ons geteekend.
(get) D. Strijkop
de Commissaris van policie
CJ Nehrkorn
|
| FACT |
van 1850 tot 1860 [9] |
- Oudestraat wijk 4 nr. 376
Beroep: nachtwacht
Religie: Ned. Herv
|
| FACT |
4 okt 1851 [10] |
- 78
4 October 1851
Willem Meijberg van beroep Nachtwacht geboren & wonende te Kampen
Op heden den 4 October 1851 kompareerde voor ons Richardus van Romunde Waarnemend Commissaris van Policie der stad Kampen, Christiaan Ferdinand Schrik, oud 26 Jaren van beroep Cigarenmaker, geboren te Amsterdam wonende te Kampen, ons te kennen gevende dat op den 23 September jl, zijne vrouw bevallen zijnde, zij gedurende der loop van dier week hadden gehaald gekookt water, koffij en vuur bij Willem Meijberg, van beroep nachtwacht, wonende te Kampen. Dat hij op Zaterdag den 27 daaraanvolgende, zich ten huize van genoemde Meijberg had begeven, en aldaar aan diens huisvrouw had gevraagd hoeveel hij schuldig was, en ten antwoord kreeg vier en negentig cent, dat hij daarover zijne verwondering had te kennen gegeven, dat deze som aan halve en enkele centen gehaald in zulk een kort tijdsverloop zoo hoog kon zijn en gevraagd: "hebt gij U ook vergist"? Dat hij daar ten antwoord had gekregen van:"Neen", en als toen verzocht had geduld te hebben tot maandag, als wanneer hij de helft en op Zaterdag den 4 October het restand zoude betalen, omdat hij door de bevalling zijner Vrouw weinig verdiend had. Dat op maandag den 29 September, terwijl hij afwezig was, de vrouw van Willem Meijberg zich ten zijnen huize had vervoegd en tegen zijne vrouw, toen zes dagen oud kraamd, een groot leven had gemaakt , waardoor deze zeer verschrikt was en uit haar bed ten antwoord had gegeven:"Schrik is niet te huis, die zal bij zijne te huis komst wel bij U komen; hetwelk vrouw Meijberg dan wel niet wilde geloven zeggende:"hij is wel in huis doch houdt zich schuil"......van zijne hierna te noemen getuigen verklaren dat op den tijd hij niet thuis was. Dat hij te zijnen te huis komst zijn vrouw hen het voorgevallen had verhaald en hij hen gezegd had dat ik zal zelf naar Meijberg gaan. Dat zijn vrouw hem als toen verzocht had en vrouw de Nier die tot hulp zijnen vrouw bij hun inwoont mede te nemen, zeggende:"Ga niet alleen je kent Meijberg" Dat hij daarop vergezeld van genoemde vrouw de Nier zich ten huize van Meijberg had begeven, en nogmaals aan diens vrouw had gevraagd, of zij zich vergist had, en dat zulks vroeger ook al gebeurd was, dat daarna Willem Meijberg van achteren was gekomen en hem toevoegde:"Je hebt mijne vrouw zaterdag en nu al veel te veel gezegd, dat gepof is uit", dat hij daarop aan Meijberg gevraagd had;"Wat heb ik dan gezegd"; dat daarop Meijberg van de stoel was opgesprongen, zeggende:” bliksemse kwajongen, je bent een smeerlap"; en hem terstond een slag in het gezigt had gegeven en met de andere hand tusschen de dat in den keel gegrepen, over den grond gegooid en zoo naar het achterhuis had gesleept liggende hij in dien toestand op den grond, zonder dat hij eenig geluid kon geven. Dat daarop vrouw Meijberg tegen vrouw de Nier had gezegd: "Jij de deur uit" waarop deze ten antwoord gaf:"Neen ik ben er met Schrik ingekomen, ik wil er ook met hem uit"; doch ziende de verregaande en ongehoorde mishandelingen liep zij van benauwdheid de deur uit, om de buren te roepen, en dat toen vrouw Meijberg de deur achter haar op het slot heeft gegooid. Dat eenige oogenblikken daarna dan het harde kloppen op de huisdeur en de veele omstanders die door de glazen keken, Meijberg hem had losgelaten en hem toen had genomen en de deur uitgegooid. Dat hun toen hij op straat kwam, door de ongehoorde hem aangedane mishandelingen het bloed bij geheele vol uit de keel liep, zijn kleederen verscheurd waren en zijne pet vermist was. Dat hij daarna om zijn pet had laten vragen doch ten antwoord kreeg:"die krijg jij niet weer"! Welk dan ook tot op heden willekeurig door Meijberg is gehouden. Klager geeft tot bevestiging der waarheid in dezen op tot hierna te noemen getuigen: Piet van Dijk, Hendrika van de Wetering, huisvrouw van P Ril, Johanna .... huisvrouw van P Nier, Johanna Palland huisvrouw van L Kasper Trijntje Beelhouwer en Maria van Laar huisvrouw van ....
|
| Beroep |
6 mei 1876 [11] |
| arbeider |
| Verblijfplaats |
6 mei 1876 [11] |
Adres: Vloeddijk wijk 1 nr 371 Kampen |
|
| Overlijden |
6 mei 1876 |
Kampen |
| death registration |
9 mei 1876 [11] |
| Recordnummer |
6765 |
| _NEW |
18 jul 2003 |
| Persoon-ID |
I6765 |
Meijberg |
| Laatst gewijzigd op |
12 jan 2025 |
| Vader |
Meijberg Jan Willem, ged. 6 mrt 1791, Kampen ovl. 5 feb 1873, Kampen (Leeftijd ~ 81 jaar) |
| Moeder |
Baron Willemina, geb. 9 aug 1792, IJsselmuiden ovl. 12 nov 1868, Kampen (Leeftijd 76 jaar) |
| Huwelijkstoestemming |
7 apr 1815 |
Kampen [12] |
| Huwelijk |
28 apr 1815 |
Kampen [13] |
- Kampen Trouwboek 369 folio 171
Den 7 April 1815
Jan Willem Meijberg JM geboren te Kampen den 6 maart 1791, trijpwever zoon van wijlen Willem Meijberg overleden te Kampen den 26 augustus 1803 en van Pieternella Verhoeven, wolwerkster
en
Willemina Baron J.D. dienstbaar geboren te IJsselmuiden den 9 augustus 1792 dogter van Riek Baron, scheepstimmerman wonende alhier en van wijlen Neeltje Mol overleden te IJsselmuiden den 2 april 1796
zij het doodattest van moeder produceren.
Kampen huwelijksakte 1815-18 0123-7468
18
Op heden den Achtentwintigsten der Maand April des jaars achttien honderd vijftien, compareerde voor mij, Nicolaas van Berkum Bijsterbos Burgemeester der Stad Kampen, Arrondissement Zwolle,Provincie Overijssel,waarnemende de functien van Officier van den Civielen Staat,
Jan Willem Meijberg jongman geboren te Kampen den zesde Maart zeventien honderd een en negentig trijpwever zoon van Willem Meijberg overleden te Campen den zesentwintigsten Augustus achttienhonderd en drie, en van Pieternella Verhoeven, wolwerkster haar toestemming gevende
en
Willemina Baron jongedogter, dienstbaar geboren te IJsselmuiden den negende Augustus zeventienhondert twee en negentig dogter van Riek Baron, scheepstimmerman, wonende alhier zijne toestemming gevende en van wijlen Neeltje Mol overleden te IJsselmuiden den tweede april zeventien hondert zes en negentig
dewelke ons verzochten, om tot het bevestigen van hun voorgenomen Huwelijk overtegaan, waarvan de openbare afkondigingen zijn gedaan voor de hoofddeur van het Gemeente-huis alhier , op zondag den negenden april achttienhondert en vijftien en zondag den zestiende derzelver maand
Geene hinder of opspraak tegen voorschreven Huwelijk geschied zijnde, zoo is het dat wij, regt doende aan hun verzoek, na dezelve alle voorschreven
stukken, mitsgaders het zesde Hoofddeel van het Wetboek over de Huwelijken, te hebben voorgelezen, dezelve hebben gevraagd, of zij malkander alzoo voor Man en Vrouw aannamen; ieder afzonderlijk hier toe zijne toestemming hebbende gegeven, verklaren wij, in naam der Wet, dat
JAN WILLEM MEIJBERG
en
WILLEMINA BARON
door het Huwelijk zijn vereenigd;
Waarvan wij deze akte hebben geformeerd in tegenwoordigheid van: Riek Baron oud vijfenvijftig jaren, scheepstimmerman vader van de bruid, van Adrianus Verhoef oud zes en vijftig jaar, trijpwever oom van den bruidegom, van Jannes ter Burg oud zeven en twintig jaren, trijpwever en van Lambert Hagedoorn oud twee en dertig jaren trijpwever de tweede laatste onverwant alle wonende alhier, welke deze akten na voorlezing met ons en den comparanten hebben ondertekend uitgezonderd de eerste en tweede getuigen en de comparante verklaren niet te kunnen schrijven
|
| Gezins-ID |
F1391254942 |
Gezinsblad | Familiekaart |
| Gezin |
Meulink Janna, geb. 16 aug 1814, Zwollerkerspel ovl. 24 mei 1882, Kampen (Leeftijd 67 jaar) |
| Huwelijk |
2 mei 1844 |
Kampen [4] |
| Type: civil |
- No 24
Op heden den tweeden der maand Mei des jaars een duizend acht honderd vier en veertig, des middags te twaalf ure, compareerden voor ons Jan Jacob Stahl van Holstein Wethouder der Stad Kampen, Provincie Overijsel, Ambtenaar van den Burgelijken Stand,
Willem Meijberg Jongman geboren te Kampen den zevenden December achttienhonderd vijftien, volgens extract uit het geboorte register dezer gemeente, van beroep nachtwagt wonende te Kampen, meerderjarige zoon van
Jan Willem Meiberg van beroep wever en van Willemina Baron, zonder beroep beide wonende te Kampen, en heeft hij aan de Nationale Militie voldaan blijkens certificaat van den Heer Gouverneur dezer Provincie van den dertien April achttienhonderd vieren veertig en
Janna Meulink Jongedochter geboren te Zwollerkerspel den zestienden Augustus eenduizend achthonderd en veertien volgens extract uit het geboorte register dier gemeente, van beroep dienstbode wonende te IJsselmuiden, meerderderjarige dochter van Jan Meulink overleden te Zwollerkerspel den zeven en twintigsten November een duizend acht honderd en dertien volgens extract uit het overlijdensregister dier gemeente en van Jannigje Jans wonende te Zwartsluis.
En zijn de wederzijdsche in leven zijnde ouders hier tegenwoordig hunne toestemming tot het voltrekken van dit huwelijk gevende
dewelke ons verzochten, om tot de bevestiging van hun voorgenomen huwelijk over te gaan, waarvan de openbare afkondigingen zijn gedaan, voor de hoofddeur van het Gemeentehuis alhier, op Zondag den eenentwintigsten der maand April en Zondag den achtentwintigsten der maand April een duizend achthonderd vier en veertig, des voormiddags te Elf ure en te IJsselmuiden op gelijke datums volgens certificaat..
Geen hinder of opspraak tegen voorgeschreven huwelijk ons beteekend zijnde, zoo is het dat wij regt doende aan derzelver verzoek, dezelver hebben gevraagd of zij elkander alzoo voor man en vrouw aannemen, en getrouwelijk alle de pligten zullen vervullen, welke door de wet aan den huwelijken staat verbonden zijn, welke vraag door hen toestemmend beantwoord zijnde. zoo verklaren wij in naam der wet, dat
Willem Meijberg en Janna Meulink
door het huwelijk zijn vereenigd.
Waarvan wij deze Akte hebben opgemaakt in tegenwoordigheid van:
Jan Willem Meiberg oud drie en vijftig jaren, Wever vader van den Bruidegom, Gijs Baron oud viif en veertig jaren metzelaar oom van den bruidegom, Johannes Baron oud drie en veertig jaren metzelaar oom van den bruidegom en Gerrit van den Berg oud zeve en dertig jaren arbeider onverwand; allen wonende te Kampen, en is deze na voorlezing geteekend door ons, de contractanten, eerst, tweede en vierde verklarende de beide moeders en derde getuige niet te kunnen schrijven.
W Meijberg JW Meiberg G v d Berg
J Meulink G Baron J.J. Stahl van Holstein
|
| Kinderen |
| | 1. Meijberg Willemina, geb. 13 dec 1844, Kampen ovl. 30 jan 1921, Kampen (Leeftijd 76 jaar) |
| | 2. Meijberg N.N., geb. 25 aug 1847, Kampen ovl. 25 aug 1847, Kampen (Leeftijd 0 jaar) |
| | 3. Meijberg Berend Jan, geb. 8 nov 1848, Kampen ovl. 9 jan 1864, Kampen (Leeftijd 15 jaar) |
| | 4. Meijberg N.N., geb. 20 aug 1850, Kampen ovl. 20 aug 1850, Kampen (Leeftijd 0 jaar) |
| | 5. Meijberg N.N., geb. 5 sep 1851, Kampen ovl. 5 sep 1851, Kampen (Leeftijd 0 jaar) |
| | 6. Meijberg Jan Willem, geb. 5 mrt 1853, Kampen ovl. 22 jan 1891, Veenhuizen, Norg (Leeftijd 37 jaar) |
| | 7. Meijberg Johanna Maria, geb. 4 jul 1854, Kampen ovl. 1 sep 1854, Kampen (Leeftijd 0 jaar) |
| | 8. Meijberg Johanna Maria, geb. 7 aug 1857, Kampen ovl. 28 okt 1857, Kampen (Leeftijd 0 jaar) |
|
| Gezins-ID |
F1391254935 |
Gezinsblad | Familiekaart |
| Laatst gewijzigd op |
1 apr 2026 |